Afgelopen donderdag was de Werkspoorkathedraal in Utrecht het decor van het Nationaal Congres Circulair Ondernemen - tevens het startschot voor de Week van de Circulaire Economie. Menno Rubbens en Paddy Sieuwerts schoven aan bij de door LCP Circulair georganiseerde actietafel Bouw Finance & Design for Reassembly. Een verslag van het gesprek, dat duidelijk maakte dat we vooral niet moeten wachten op nieuwe regels.
ketenintegratie
“Voor het realiseren van circulaire bouwprojecten heb je de hele keten nodig”, begint tafelheer Arnoud Leerling (Circulair Centrum Nederland) het gesprek. Maar over het belang van ketenintegratie lijkt iedereen aan tafel het eens. Al benadrukt Menno Rubbens (cepezedprojects, LCP Circulair, dpcp), door ervaring wijzer, nog wel dat échte samenwerking de moed vraagt om kennis te delen. Discussie is er vooral over de financiering en regelgeving, die volgens de vertegenwoordigers van de keten nog niet zijn toegerust op een circulaire bouweconomie.
“Als circulaire projecten met gebruikte materialen worden aangevlogen als nieuwbouwprojecten, zitten de verkeerde mensen aan tafel en klopt het financiële plaatje niet”, geeft Paddy Sieuwerts (cepezed) aan. Want bij een circulair project zijn de bouwer en het demontagebedrijf van begin af aan relevant. Maarten de Moel (BAM) omschrijft het als ‘lezen van rechts naar links’: je begint met wat je ter beschikking hebt. “Technisch kan het”, zegt hij. “Het gaat alleen nog om de wil om samen het verschil te maken.”
regels
Geert Dirkse (Rabobank) vindt dat niet alleen ondernemers en banken een omslag moeten maken. “De overheid zou ontwerpers en bouwbedrijven kunnen verplichten om voor de Omgevingsvergunning te inventariseren welk materiaal er door sloop of demontage beschikbaar komt in de directe omgeving van de bouwlocatie.” Waarbij hij de kanttekening maakt dat de controle ‘van dit soort dingen’ niet bij de bank moet liggen.
De Building Circularity Index zou een praktisch toetsinstrument kunnen zijn ter bevordering van een circulaire bouwpraktijk. Die meet namelijk niet alleen de losmaakbaarheid (in percentages), maar ook de vermindering van de CO2-uitstoot die erbij hoort. “Ruim dimensioneren helpt ook”, zegt Martijn Veerman (Alkondor Icon). “De regels over bijvoorbeeld de brandveiligheid van gevels veranderen snel. Wij stellen altijd de vraag hoe je gevels ontwerpt die geschikt zijn voor hergebruik.”
Dit laatste voorbeeld laat het directe verband zien tussen financiering en regelgeving: met veranderende regels worden her te gebruiken onderdelen die daarop geanticipeerd hebben meer waard. Toch zijn, in weerwil van de regels, al diverse geslaagde circulaire projecten te noemen, zoals cepezeds Tijdelijke Rechtbank Amsterdam-Techbank Enschede, het Circulair Centrum Nederland in Heerde en Theater De Lievekamp in Oss.