Het hogeschoolgebouw dat we ontwierpen in de Sluisbuurt is nu anderhalf jaar in gebruik. De nieuwe buurt in Amsterdam Oost krijgt steeds meer vorm: de pont naar Borneo-Sporenburg vaart om het kwartier en er wonen ondertussen mensen. Het bibliotheekfiliaal en de koffiebar op de begane grond van de hogeschool zijn inmiddels open. Faculteitsdirecteur Bas van Spréw zit graag in de centrale hal, waar hij ondervindt dat het gebouw studenten en docenten uitnodigt om contact te maken.
midden in de maatschappij
Van drie locaties verspreid over Amsterdam en Diemen verhuisde Hogeschool Inholland naar een groot nieuw gebouw. Het opende september 2024 en zorgt in de Amsterdamse Sluisbuurt alvast voor levendigheid, mede omdat er ook een bibliotheekfiliaal en koffiebar in zijn ondergebracht. Inholland vindt duurzaamheid en een veerkrachtige samenleving belangrijk, de hogeschool wil ‘midden in de maatschappij staan’. In de architectuur kreeg dat vorm in de keuze voor veel glaswanden en een route met trappen, zitplekken en planten door het hart van het gebouw. Deze centrale hal telt vier verdiepingen, het hoogste bouwvolume negen.
samenwerken
In totaal maken zo’n zevenduizend studenten van drie faculteiten gebruik van het gebouw, samen met 950 docenten en medewerkers. Bas van Spréw was vestigingsdirecteur ten tijde van het ontwerp- en bouwproces en leidt nu de faculteit Business, Recht en Creatieve Industrie, die samen met de faculteit Gezondheid, Educatie en Welzijn, de faculteit Natuur en Techniek, de Inholland Academy en het ROC van Amsterdam gebruikmaakt van het gebouw. Hij is enthousiast over de transparantie en overzichtelijkheid van het gebouw, die passen bij Inholland onderwijsfilosofie. “Wij vinden het belangrijk dat studenten en docenten samenwerken en elkaar kennen. Jullie ontwerp stimuleert dit door te faciliteren dat je elkaar tegenkomt.”
wisselwerking
Sinds het schoolgebouw in gebruik is komen er veel verzoeken binnen voor rondleidingen. Bas: “We hebben zo veel bezoek gehad, van mensen van de gemeente Amsterdam en andere gemeentes, van scholen, en van architectenbureaus uit binnen- en buitenland. Het gebouw heeft aantrekkingskracht. We hadden dit jaar en vorig jaar ook significant meer aanmeldingen van studenten. Dat komt echt door de wisselwerking van het gebouw en de mensen die er werken. Ons onderwijsconcept komt beter tot zijn recht dan voorheen, toen we verdeeld waren over drie locaties.”