Cookies zonder welke de website niet naar behoren kan functioneren. Hieronder vallen onder meer cookies voor toegang tot beveiligde delen van de website en CSRF-beveiliging. Houd er rekening mee dat de standaardcookies van Craft geen persoonlijke of gevoelige gegevens verzamelen. De standaardcookies van Craft verzamelen geen IP-adressen. De informatie die ze opslaan, wordt niet doorgestuurd naar Pixel & Tonic of naar derden.
Name: CraftSessionId
Description: Craft relies on PHP sessions to maintain sessions across web requests. That is done via the PHP session cookie. Craft names that cookie “CraftSessionId” by default, but it can be renamed via the phpSessionId config setting. This cookie will expire as soon as the session expires.
Provider: this site
Expiry: Session
Name: *_identity
Description: When you log into the Control Panel, you will get an authentication cookie used to maintain your authenticated state. The cookie name is prefixed with a long, randomly generated string, followed by _identity. The cookie only stores information necessary to maintain a secure, authenticated session and will only exist for as long as the user is authenticated in Craft.
Provider: this site
Expiry: Persistent
Name: *_username
Description: If you check the "Keep me logged in" option during login, this cookie is used to remember the username for your next authentication.
Provider: this site
Expiry: Persistent
Name: CRAFT_CSRF_TOKEN
Description: Protects us and you as a user against Cross-Site Request Forgery attacks.
Provider: this site
Expiry: Session
altijd actief
Statistische cookies helpen ons inzicht te krijgen in hoe bezoekers met websites omgaan door op anonieme wijze informatie te verzamelen en te rapporteren.
Marketingcookies worden gebruikt om bezoekers op verschillende websites te volgen. Het doel is om advertenties weer te geven die relevant en aantrekkelijk zijn voor de individuele gebruiker en daardoor ook waardevoller zijn voor uitgevers en externe adverteerders.
Functionele cookies worden gebruikt voor functionaliteiten die afkomstig zijn van buiten deze website en die niet relevant is voor de hoofdfunctionaliteit van de site, maar die extra functionaliteit biedt om de gebruikerservaring te verbeteren. Houd er rekening mee dat deze hun eigen cookiebeleid kunnen hebben.
Name: vimeo
Description: https://vimeo.com/legal/privacy/cookies
Provider: Vimeo
Expiry: Persistent

deze website maakt gebruik van cookies om content te personaliseren, ons verkeer te analyseren en onze service te verbeteren.

| pas voorkeuren aan
Cookies
  • projecten
  • methode
  • team
  • disciplines
    architectuur projectontwikkeling bouwcoördinatie interieur
    architectuur projectontwikkeling bouwcoördinatie interieur
  • Linkedin Instagram
    nl | en
  • nl | en

09 apr 2019

plaksteendunne diversiteit

Column 09 04 2019 plaksteendunne diversiteit ronald schleurholts cepezed

Sinds kort rijd ik frequent door de nieuwe Delftse woonwijk Harnaschpolder. Hier toont zich de (post) crisiswoningbouw in vol ornaat. Aan weerszijden van de provinciale weg liggen drielaagse eengezinswoningen waarvoor de bewoners zelf hun gevel konden kiezen. Dit conform het ‘wonen a la carte’, ‘wenswonen’ of welk ander marketingconcept van de bouwende ontwikkelaar dan ook. Het heeft geresulteerd in een straatwand met verschillende kleuren baksteen en een afwisseling van raamverdelingen en typen dakranden. Dit zou in potentie een rijke aanblik kunnen bieden, maar in werkelijkheid is het een tamelijk treurig schouwspel. De afwisseling in gevelmaterialen en -uitvoeringen is uiteindelijk zo beperkt als de plaksteen waarmee de façades zijn afgewerkt dun is. Daarachter liggen bovendien honderden gelijke woningplattegronden, bijna letterlijk in beton gegoten.

Dit soort wijken zou niet gebouwd worden als er geen markt voor was. Maar je kunt je afvragen of deze monotone buurten vol eengezinswoningen met mini voor- en achtertuin wel zo toekomstbestendig zijn. In weerwil van de zogenaamde keuzevrijheid hebben de woningen vrijwel allemaal dezelfde korrelgrootte en zijn ze uitgevoerd met een bouwsysteem dat buitengewoon inflexibel en materiaalinefficiënt is. Niet echt duurzaam dus en al helemaal niet aan te passen op veranderende wensen en behoeften.

Het type bouw gaat voorbij aan het stijgende percentage éénpersoonshuishoudens. In de grote steden ligt dit nu al op de helft. Die toename is geen strikt Randstedelijk verschijnsel: de verwachting is dat in 2040 meer dan 40% van alle Nederlandse huishoudens éénpersoons is.

Hoog tijd om de woningbouw op te schudden met alternatieven. Transformatie van binnenstedelijke utiliteitsbouw tot urbane woningbouw met een grote diversiteit aan typologieën is één inspirerend antwoord. Maar bovenal zou ik zoeken naar adaptieve en dus flexibele bouwsystemen die zich wel kunnen aanpassen aan demografische verschuivingen en veranderende woonwensen. En die zo ook veel duurzamer omgaan met grondstoffen en energie.

Ronald Schleurholts, architect partner cepezed

Cobouw, 9 april 2019
Column 27 02 2018 vraag en antwoord ronald schleurholts cepezed

Om tot een structureel hogere kwaliteit van het product ‘woning’ te komen, is ons bureau al sinds de oprichting in de jaren ‘70 bezig met verschillende slimme woningbouwsystemen op basis van industriële, geprefabriceerde elementen. Door de jaren heen hebben we diverse prototypen ontwikkeld en gebouwd, maar tot grootschalige toepassingen is het tot nog toe nooit gekomen.

De industriële insteek van de woningbouw was steeds, zoals een architectuurcriticus het ooit formuleerde, ‘een briljant antwoord op een niet gestelde vraag’. De grote woningproductie is ondertussen gewoon doorgelopen; de gemiddelde doorzonwoning heeft zich in die tijd nauwelijks ontwikkeld, qua bouwtechniek noch plattegrond.

Iedere andere zichzelf respecterende branche heeft zich ondertussen wel ontwikkeld. Zo is de auto van veertig jaar geleden op alle fronten laagwaardiger dan die van nu. Gebruiksproducten als camera’s en telefoons zijn onherkenbaar verbeterd en zelfs keukens en badkamers zijn ‘industriële producten’ geworden met een enorme kwaliteit en variëteit.

Tijdens de economische crisis zijn er weinig woningen gebouwd, maar heeft zich wel een verfrissend verschijnsel voorgedaan: niet-traditionele partijen als jonge architecten zijn met succes in het ontstane gat gesprongen en hebben zelf nieuwe woningconcepten bedacht, ontwikkeld en laten bouwen. Ook bouwers zijn zich gaan herbezinnen. Het resultaat is een breed assortiment van smartlofts, superlofts en tiny houses, veelal met een grote afbouwflexibiliteit voor de bewoners.

De tijd lijkt daarom rijp nu. Met de huidige vraag en druk op het productievolume liggen alle kansen voor een intelligente industrialisatie open; een industrialisatie waarin slimme bouwsystemen hoge kwaliteit en bouwsnelheid koppelen aan een maximale vrijheid van assemblage en indeling. De interessante paradox is dat deze industrialisatieslag wel eens tot veel minder gestandaardiseerd woningaanbod kan leiden dan de traditionele bouwproductie van de afgelopen decennia.



Ronald Schleurholts, architect-directeur architectenbureau cepezed

Cobouw, 22 februari 2018
Column 24 08 2017 trots ronald schleurholts cepezed

Bij ons op kantoor doet zich momenteel een kleine geboortegolf voor. Beschuit met roze of blauw is inmiddels wekelijkse kost. Of dit een teken is van hersteld consumentenvertrouwen, het resultaat van een groeiend personeelsbestand of gewoon een toevallige samenloop van omstandigheden, laat zich vooralsnog raden. Zeker – en mooi om te zien – is wel dat elke jonge vader of moeder steevast overloopt van trots op iedere keer weer de mooiste baby ter wereld.

In de bouw heerst momenteel eenzelfde hausse van vruchtbaarheid en optimisme. Nog niet zo lang geleden werd er nog maar weinig gebouwd en werd hooguit met regelmaat het meest duurzame gebouw ter wereld aangekondigd. Nu lijkt het één groot conceptiefeest en staan de sociale media vol luidruchtige berichten over nieuwe plannen en projecten.

De makers hiervan zijn steevast even trots op ieder kersvers project als genoemde jonge ouders op hun nieuwbakken spruiten. Maar in de echoput van de online-wereld neemt deze grootsheid soms potsierlijke vormen aan. Wanneer een architectenbureau bijvoorbeeld laat weten supertrots te zijn op een gewonnen project, komt een verliezend finalist hier ras achteraan met een felicitatiebericht dat vooral inleiding is tot uiting van trots over de eigen, helaas niet-winnende inzending. Verschillende adviseurs posten hierop volgend weer berichten van trots over hun bijdragen aan zowel de winnende als verliezende inzendingen. Trotse bouwer, trotse constructeur, übertrots, overjoyed and delighted, proud teamwork, het is maar een greep uit het voorhanden trots-vocabulaire.

Het is fijn dat er weer genoeg grond voor optimisme is, maar ik snak inmiddels wel naar communicatie met iets meer betekenis en een wat creatiever taalgebruik. Nog benieuwder ben ik overigens naar de volgroeide, gebouwde resultaten van al die in pril stadium aangekondigde projecten; ik hoop dat iedereen daarop net zo trots kan zijn als op de conceptie.

Ronald Schleurholts, directeur-architect cepezed, Delft

Cobouw, 23 augustus 2017

Actueel vacatures Contact
Linkedin Instagram
nl nederlands   |   en english